Dominantie principe

In de jaren 70 raakte ik gefascineerd door het zogenaamde dominantie principe bij bacteriën.  Een ontdekking die toegeschreven wordt aan Teruo Higa die verbonden was aan de Ryukyus Universiteit in Japan.  Het principe is als volgt:

Bij micro-organismen is er een kleine groep dominante “opbouwende” micro-organismen en een kleine groep dominante “schadelijke” micro-organismen en een overgrote meerderheid opportunisten, die nog beide kanten op kunnen. Tussen beide groepen is een voortdurende strijd om de macht. De overige miljarden micro-organismen wachten gewoon af wie van beide groepen de overhand krijgt en dan passen ze zich aan en volgen of imiteren de overwinnaar of de leider. Ook het gebruik van pro-biotica stoelt op dit principe.

Indien de “opbouwende” micro-organismen de overhand krijgen zullen de opportunisten de opbouwende processen volgen en ontstaat er dus een klimaat waarin de opbouw overheerst. Welke soort van micro-organismen gaat overheersen hangt af van het milieu waarin zij leven.

Voorgaande lijkt een vreemd verhaal maar is het niet. Er is vastgesteld dat de genen uitwisseling tussen bacteriën aanzienlijk vaker voorkomt dan gedacht.
Amerikaanse wetenschappers hebben een gigantisch netwerk van recent uitgewisselde genen blootgelegd in meer dan 2000 bacteriën, verspreid over de hele wereld. De dynamiek binnen de bacteriewereld is dus veel groter dan ooit gedacht werd.

In onze darmen leven zo’n 100 biljoen bacteriën, meer dan tien keer zoveel als ons eigen aantal lichaamscellen. Ze helpen ons voedsel te verteren en steunen en leren ons immuunsysteem. Het gewicht van al deze darmbewoners zorgt ervoor dat we dagelijks zo’n twee kilo extra met ons meesjouwen.

Er zijn naar schatting zo’n 1100 verschillende soorten in het menselijke darmkanaal te vinden; samen vormen ze ons microbioom. Elk mens huist een andere selectie van al deze bacteriën in zijn darmkanaal. De verscheidenheid aan darmbacteriën ligt namelijk maar rond 180 voor gezonde mensen, rond 160 bij dikke mensen en bijvoorbeeld 50 bij patiënten met chronische diarree.

Met het succesvolle boek van Gulia Enders zijn we de darmen anders gaan bekijken. Volgens Gulia zijn “De darmen een belangrijke adviseur van onze hersenen. Allergieën, gewicht en zelfs de emoties zijn er nauw mee verbonden. ‘Onze dikke darm is fantastisch, vol gevoeligheid, verantwoordelijkheid en betrokkenheid. Als je hem goed behandelt, bedankt hij je daarvoor.  In de darm bevinden zich meer dan twintig specifieke hormonen en meer dan duizend soorten bacteriën. En het zenuwstelsel van de darmen is bijna net zo complex als die van de hersenen.”